Wetenschappelijke vergelijking

In opdracht van het vak wetenschapsmethodiek in het tweede semester van de studie Bouwkunde aan de TU Delft vergelijk ik op deze pagina het Gasuniegebouw van Alberts van Huut en Fallingwater van Frank Lloyd Wright uit mijn Iconografie.

Vergelijking: principes

Eerder genoemde gebouwen zijn natuurlijk heel verschillend, maar kennen ook overeenkomsten. Het vergelijken van twee werken kan volgens verschillende principes. Aan de hand van afbeeldingen kunnen we op de volgende manieren wetenschappelijk vergelijken:

  • analyse van het concept;
  • vergelijking op grond van plattegronden;
  • plattegronden historisch analyseren;
  • karakteristieke beschrijving;
  • analyse van de ruimtelijke, structurele en stedelijk context.
Overzicht
Architect: Alberts en Van Huut
Project: Gasuniegebouw
Plaats: Groningen
Jaar: 1994
Architect: Frank Lloyd Wright
Project: Fallingwater / Edgar J. Kaufmann Sr. Residence
Plaats: Pittsburgh
Jaar: 1935
Type
Kantoorgebouw en Hoogbouw Woonhuis, Villa, Vakantiehuis of Vakantievilla
Concept
Het groningse gasuniebedrijf speelt een grote rol op de wereldmarkt en draagt als internationaal bedrijf de moderne kunst een warm hart toe. Bij het 25-jarig bedrijfsjubileum schonken ze het nieuwe Groninger Museum. Het eigen hoofdkantoor kon in de verrijking van de architectuur in Groningen natuurlijk niet achter blijven. Aldus heft een groot prestigieus complex als organisch gegroeide baksteenberg zich op uit een uitwaaierende, veelvormige onderbouw. Als voornaamste inspiratiebron diende de natuur. Het gebouw weerspiegelt de derde huid van de mens, na je eigen huid en je kleren biedt een gebouw of huis de volgende beschermlaag tegen de buitenwereld. Fallingwater, ook wel Edgar J. Kaufmann Sr. Residence genoemd, ligt in het Allegheny gebergte van Pennsylvania. De opdrachtgever Kaufmann wilde een villa met uitzicht op een waterval. Wright heeft het concept echter letterlijk naar een hoger level getild door het vakantiehuis over de waterval heen te bouwen. Het bouwwerk is zowel dynamisch als organisch en gaat knap op in de omringende natuur.
Model
Het zestien verdiepingen tellende kantoorgebouw is opgetrokken volgens de organische vormentaal. Er is sprake van een opsplitsing van meer horizontaal gerichte laagbouw en een verticaal gerichte hoogbouw. De last van de dragende gevel van de hoogbouw wordt via een staalconstructie op de 3e verdieping overgebracht naar betonkolommen ter plaatse van de onderlagen. Van top tot teen loopt een beglaasde vide die het kloppende hart vormt en de eenheid van het gebouw en het bedrijf weergeeft. De 'apenrots', zoals de groningers het hoofdkantoor noemen, is gesitueerd in een nieuw organisch geordend parkeer'park'. De nadruk ligt op 'park' aangezien ook hier de natuur een dominerende factor is. Het gebruik van horizontaal en verticaal gerichte vlakken die elkaar snijden valt erg op. De scherpe lijnen van de rotsen zijn over genomen in de vlakken. De verticale delen zijn opgetrokken uit natuursteen en waarborgen zo de continuïteit van de rotsmassa. Het gebouw smelt zodoende samen met de rotspartij waar het op gebouwd is. Bij de ontmoeting van glas en rots bijvoorbeeld wordt een metalenkozijn achter wegen gelaten en is het glas in de rots gezet.
Programma
In het gebouw moesten medewerkers elkaar snel kunnen vinden en centrale ontmoetinspunten komen. Een gebouw met een centraal hart, waarin flexibiliteit en veiligheid hoog op de agenda staan. De hoogbouw moest korte looproutes hebben tussen de verschillende werketages.
In de laagbouw is een permanente expositieruimte, Gaspoort genaamd. De centrale hal is het hart waarin duidelijk het verschil van de hoog- en laagbouw naar voren komt. Hierin zijn verschillende kunstexposities van Nederlandse beeldende kunstenaars te bewonderen. Verder zijn er naast de 'normale' werkplekken nog vele andere ruimtes zoals een; pr-zaal, foyer, lounge en een restaurant. Bijna alle ruimtes zijn verrijkt met moderne kunstwerken en veel groen. Onder de grond bevind zich een goedbeveiligde controle ruimte.
Het gebouw is oorspronkelijk als een luxe zomerresidentie gebouwd en kent zo een vergelijkbaar programma als een woonhuis. De nadruk ligt echter op ontspanning en zodoende kent het huis onder andere een ruime woonkamer en slaapkamers. Er zijn verscheidene balkons waar men van de natuur kan genieten en tot rust kan komen door het ruisende geluid van vallend water.

Vergelijking

Wat meteen opvalt aan beide projecten is de omgang met de natuur. Beide architecten waren aanhangers van de Organische Architectuur en geven op een eigentijdse en locatie gebonden wijze invulling aan deze stroming. De gebouwen zijn totaal verschillend van omvang maar stellen de natuur centraal. De werken gaan allebei conceptueel uit van steen en rots, in kleur en materiaal totaal verschillend. De gasunie is opgetrokken uit modernere materialen en gebruikt de in Nederland veel gebruikte oranje/roodachtige bakstenen. Fallingwater is opgebouwd uit de zelfde grijzige natuursteen die in de buurt van de locatie gevonden kan worden. Zodoende zijn beide werken locatiegebonden en passen goed in de omgeving. Waar Fallingwater gebruik maakt van de al aanwezige natuur breiden de architecten van de Apenrots het stadspark uit en situeren hun project ook in het groen. Het stedelijke karakter van de gasunie komt tot uitdrukking in zijn omvang en verticaliteit. Hier tegenover staat de meer intieme en kleine horizontaal gerichte Fallingwater.

Techtnische Universiteit TUDelft Valid